TWEEDE KAMER. - VOORLOOPIG VERSLAG.
§ 7. Geldelijke steun van gemeente-
wege.
Men was van oordeel, Ldat eene
doeltreffende wijziging van deze
paragraat van bijzonder groot be-
lang is. Van het daarin opgeno
men stelsel en van de uitvoering
daarvan hangt toch voor een nict
gering deel af, of ,het groc-te be-
lang van verbetering der volks-
huisvesting op afdoende en van
voortvarendheid getuigende wijze
kan en zal worden behartigd.
De maatregelen, in de bestaande
wet in zake geldelijken steun van
overheidswege genomen, hebben,
gelijk in de toelichting terecht
wordt opgemerkt, niet het ver-
verwachte effect gehad. In den
aanvang was het resultaat al zeer
gering. Wel werd later op dit ge-
bied grooter werkzaamheid ont-
plooid, doch de toepassing van dit
deel der wet kon toch geenszins
allerwege tevredenheid wekken.
Voor een deel meende men dit
te moeten toeschrijven aan de on-
welwillende houding van verschil-
lende gemeentebesturen, die de ten
behocve van verbetering der volks-
huisvesting opgerichte bouwver-
eenigingen niet met de noodige
belangstelling te gemoet traden of
werkloos bleven waar zoodanige
vereeniging ontbrak. Sommige ge-
meentebesturen achtten voorts, zoo-
als bereids werd opgemerkt, het
oogenblik eerst daar om zieh met
afdoende verbetering der volks-
huisvesting te bemoeien, als par-
ticulierer bleken in gebreke te
blijven zieh aan dit belang te wij-
den. Dat de gemeentelijke over-
heid zieh met kracht dit volksbe-
lang aantrekt, is slechts in enkele
gevallen te constateeren. 1
Zullen nu door de voorgestelde
wijzigingen de gemeentebesturen
tot meer activiteit worden geprik-
keld?
De voornaamste wijzigingen,
door het vorige Kabinet voorge-
steld en waarin de huidige be-
windslieden geen verandering
brachten, betreffen, kort samen-
gevat, de volgende punten. Ten
aanzien van de werkzaamheid op
dit gebied van Gedeputeerde Staten
en gemeentcraden wordt in art. 30
en art. 306 eene scherpere con-
trole beoogd: in geval van wei-
gering van voorschotten door even-
genoemde Colleges wordt voorzie-
ning bij de Kroon opengesteld.
Voor coöperatieve vereenigingen,
00k al zijn deze niet toegelaten
als uitsluitend in het belang van
verbetering der volkshuisvesting
werkzaam, wordt de mogelijkheid
geopend voorschotten te ontvan-
gen. In art. 29 wordt de over-
heidssteun ter bevordering van ver-
betering van woningen en voor-
koming van onbewoonbaarverkla-
ring nader geregeld; daarbij wordt
de zekerheid voor de gemeenten
versterkt. ,
V001 eene nadere bespreking
dezer punten möge naar de des-
betreffende artikelen worden ver-
wezen. Hier meenden bovenbe-
doelde leden, gemeide voorstel-
len in onderling verband beschou-
wende, als hunne conclusie' te moe-
ten mededeelen, dat zij slechts
weinig zullen bijdragen om bij
gemeentebesturen, die zieh tot
dusver nalatig betoonden, eene be-
hoorlijke behartiging der hun toe-
vertrouwde belangen te bevorde-
ren. Een krachtig aanvatten van
bouw van gemeentewege zal 00k
na invoering dezer wijzigingen uit-
blijven. Reeds was opgemerkt dat
deze eer had moeten .worden be-
vorderd door eene afdoende ver-
ruiming van art. 32, dat echter
op dit hoofdpunt geen verande-
ring zal ondergaan. ,
Hiertegenover werd door ver-
verscheidene andere leden betoogd,
dat bij de regeling van de over-
heiestaak, voor zooveel deze be-
treu het ter hand nemen of be;-
vorderen van den bouw van Weh-
ningen, groote omzichtigheid moet
worden betracht. Daarbij moet de
Overheid er vooral voor waken
gern onbillijke coneurrentie aan te
doen aan particulière bouwonder-
nemers. Het bestaande stelsel leidt
er toe, dat de woningen, welke
met overheidssteun tot stand kö-
rnen, ter beschikking worden ge-
steld "aan trouw betalende huur-
ders; de vereenigingen, welke van
het voorschotstelsel genieten, zor-
gen over het algemeen van du-
bieuze debiteuren gevrijwaard te
blijven. Zoo komen de siechte
risico's, welke door bouwvereeni-
gingen worden geweerd, ten laste
van particulière verhuurders. In
het Verzoekschrift van den Neder-
landschen Bond van Vereenigingen
van Huis- en Grondeigenaren en
Bouwkundigen, reeds eerder ter
sprake gekomen, wordt met na-
druk op dit punt de aandacht ge-
vestigd.
Voorts zal van eene belangrijke
uitbreiding van het voorschotstel-
sel 'siRijks schatkist een toene-
menden druk ondervinden. De be-
grooting wordt door de' jaarlijks
stijgende sommen, voor dit doel
aangevraagd, aanzienlijk bezwaard
en de stijging van 's Lands vlot-
tende schuld, gevolg van een vrij-
gevig voorschotstelsel, kan volgen,s
sommigen niet nalaten nadeeligen
invloed op de geldmarkt te oefe-
nen. De Regeering wordt gedwon-
gen steeds meer aanspraak te ma-
lten op de hulp, welke de Neder-
landsche Bank haar moet verlee-
nen; de disconto-rente wordt er
door bei'nvloed en het handelskre-
diet ondervindt daarvan schade.
Werd reeds meermalen op (deze
nadeelige gevolgen van het be-
staande voorschotstelsel de aan-
dacht gevestigd, nu het pntwerp
de toepassing daarvan wenscht uit
te breiden, is er meer^dan te voren
reden, er bij de Regeering op
aan te dringen den overheidssteun
in eene richting te leiden, welke
bovenomschreven nadeelen uitsluit.
Deze leden meenden, dat aan de
bezwaren wäre te gemoet te ko-
men door het van Staatswege uit-
geven van obligaties ter iverkrij-
ging van de voor 'dit doel benoo-
digde gelden. ¦ ! ,
In verband hiermede werd 00k
op het aflossingssysteem critiek
geoefend. Sommige leden kon-
den zieh met het annuiteitenstel-
sel niet vereenigen en ,voor hunne
bezwaren was te meer aanleiding,
nu in art. 30 en in art. 33 de ter-
mijnen van afbetaling worden >ver-
lengd. De Commissie van ,Rap-
porteurs heeft gemeend de omtrent
dit punt gevoerde besprekingen
niet in haar Verslag te moeten
opnemen, wijl deze aangelegen-
heid in een afzonderlijk wetsont-
werp (no. 271) aan de orde is
gesteld. *)
Bij deze paragraaf kwam voorts
de z.g.n. „huurprijsclausule" ter
sprake. Eene regeling hieromtrent
in de wet achtten sommige leden
raadzaam. Aan een algemeenen
maatregel van bestuur of aan eene
bepaling in de voorwaarden, waar-
onder voorschotten of bijdragen
worden verleend, mag dit, naar zij
meenden, niet worden overgelaten.
Bij de wet moet worden voorko-
men, dat bepalingen worden voor-
gesteld, welke er toe verplichten
een huurprijs overeenkomstig den
1) Zie bladz. 143 van deze uitgave.
130