TWEEDE GEDEELTE.
BEPALING VAN HET RUBBERGEHALTE
VAN HEVEA-LATEX.
Bruikbaarheid
van vocht-
wegers voorde
bepaling van
het rubberge-
halte der latex.
Reeds meermalen is er op gewezen, o. a. door
Gorter en door Ultée I), dat het gebruik van vocht-
wegers voor de bepaling van het rubbergebalte van
Hevea-latex weinig-betrouwbare resultaten oplevert.
Toch is de meening, dat de vochtweger voor de
latex-controle een waardevol hulpmiddel is, onder de
rubberplanters nog niet geheel verdwenen. Wellicht
is hiervan mede oorzaak het feit, dat sommige rubber-
chemici in de Maleische Staten een pleit leveren
voor de areometrische rubber-bepaling.
Hoe dit zij, een feit is het, dat er naar eene snelle
en gemakkelijke rubber-bepaling in de latex nog steeds
vraag is. Aan deze beide eischen: snelheid en ge-
makkelijkheid van uitvoering, zou de areometrische
methode zeker voldoen. Er bestond dus alle reden,
om deze methode nog eens aan een grondig onderzoek
te onderwerpen.
Voor het onderzoek werden gebruikt latex-monsters,
afkomstig van oude Hevea-boomen uit den Cultuur-
tuin te Buitenzorg, en eveneens latex-monsters van
6- tot 7-jarige boomen. Deze laatste monsters werden
mij welwillend verstrekt door den heer A. van Motman,
administrateur van Dramaga. Van elk monster werd
door middel van J.'_n areometer het soortelijk gewicht
bepaald, en-daarna het rubbergehalte op de volgende
wijze:
5 c.M3. latex werden in een glazen schaaltje
1) Cultuurgids 13. 209. 1911.