Aan de Lezers.
Ook bij deze verschijning van den Gelderschen Volks-
almanak zal ik ter inleiding met een paar «oorden kunnen
volstaan. Niets meer tocli heb ik te zeggen, dan dat ik,
dank zij de hooggewaardeerde hulp mijner ijverige medewer-
kers, zooveel mogelijk getrouw gebleven ben aan het een-
maal vastgestelde program. Ik weet wel, in dat program
staat ook populariteit, en deze wordt in dit volksboekje
zelfs nu nog te veel gemist; maar Kenlen en Aken zijn
niet in éénen dag gebouwd, en vlei ik mij met geen
dooden musch, dan gaat het toch ook in dit opzicht
langzamerhand vooruit. Tot dien vooruitgang, kan het
wezen, met ietwat snelleren pas, zij ieder opgewekt, die er
toe bijdragen kan. Overigens druk ik in gedachten allen har-
telijk de hand, wensch ik hen een zeer gelukkig jaar, en
roep ik hem of haar — want mijne lezers zullen zoowel
mannelijk als vrouwelijk zijn, — die nog geen afkeer van
dit leven heeft, een hoopvol „tot wederziens" toe.
Mavenstein, 17 Sept. 1886.
J. O W. QUACK.