102
Hemelsche Vader! IJ zij onze dank gewijd,
dien wij U hier, onder Uwen hemel, van dezen
schoenen bergtop toestamelen. Door Uwe almacht
hebt Gij ons tot dus verre bewaard, ons uit
zoovele gevaren gered, en onze zinkende krach-
ten geschraagd. O, hoe goed is het, dat wij ,
zwakke schepselen, onder Uwe almachtige bescher-
ming zoo veilig wonen en leven kunnen, dat Gij
de steun en staf van het zwakke kind zoowel
als van den grijsaard zijt! Ook hier bevinden
wij ons onder Uw opzicht, en vreezen daarom
geen oogenblik. Ook in de schaduw van den nacht,
ook dan, als de slaap onze oogen sluit, worden
wij- door U bewaakt. U bevelen wij ons , met
deze kinderen. Almachtige ! laat ons onder Uwe
bescherming veilig en gerust slapen, opdat wij,
wanneer Uwe zon ons weder uit den slaap wekt,
ter beschouwing van nieuwe wonderen Uwer groot-
heid ontwaken, en U, onzen God en Schepper,
roemen en verheerlijken. Amen.
13.
DE NACHT.
Door donkere, vreeswekkende schaduwen treed
ik schoorvoetend op den eenzamen weg, en ga